After Laughter 2018

15/01-15/04/2018


(ENG) For After Laughter Matyn has drawn inspiration from the river Dommel which runs past the museum building. Combining it with her interest in laughter as something capable of cleansing and connecting people, water is taken as both material and metaphor. The exhibition is comprised of a series of inter-connected photographic and sculptural elements. Matyn has combined a series of images taken in China with pictures of the Dommel itself. Lining the wall is a forty-six metre curtain made from paper and hand-stitched together. Matyn’s images are textural and material, the heavy folds of the paper and close ups of the Dommel entering and enveloping the cold, white walls of the museum.
At the end of the wall is an organ.
The organ, which when played produces laughter, conjures up the court jester, who is both comic and tragic, and whose purpose is to humour and entertain. Such evocations chime with Matyn’s long-held interest in different secular traditions, protocols and rituals. In the Eye, Matyn has constructed a hanging system, inspired by a traditional structure she saw at the Kempens Plateau in Peer.
A set of performative props and objects hang from a rope that similarly speak to regional pastimes and conventions. Transferred to the museum, she invites us to consider the rituals that take place within its walls. A vast, enlarged Polaroid photograph taken when visiting Genneper watermill in Eindhoven covers the back wall. Matyn’s extraordinary handling of scale, where close ups of the water are blown up to over seven metres, re-orients our sensory perception.
Viewed together Matyn’s ambitious set of images and associations enter in and spill out of the museum. She offers an assemblage of, references, senses and materials - where laughter, water and the ghosts of riverside rituals wash over us.

(NED) Voor After Laughter heeft Matyn zich laten inspireren door de rivier de Dommel die langs het museum stroomt, waarbij ze water als materiaal maar ook als metafoor opvat. Dit combineert ze met haar belangstelling voor lachen als iets wat in staat is mensen te zuiveren en te verbinden. De tentoonstelling bestaat uit een serie onderling verbonden fotografische en sculpturale elementen. Matyn heeft een serie in China gemaakte foto’s gecombineerd met foto’s van de Dommel zelf. Langs de wand hangt een 46 meter lang papieren gordijn dat met de hand in elkaar is genaaid. Matyns foto’s bezitten textuur en materialiteit: de diepe vouwen van het papier en close-ups van de Dommel dringen in de koele, witte wanden van het museum en omhullen ze.
Aan het einde van de wand staat een orgel.
Dit orgel, dat bij het bespelen gelach voortbrengt, roept associaties op met de hofnar, die zowel komisch als tragisch is en de taak heeft mensen te vermaken en het naar de zin te maken. Dergelijke associaties passen in Matyns jarenlange belangstelling voor verschillende seculiere tradities, protocollen en rituelen. In Het Oog heeft Matyn een ophangsysteem gemaakt dat is geïnspireerd door een traditionele constructie die ze zag op het Kempens Plateau in Peer.
Aan een touw hangen een aantal performatieve rekwisieten en objecten die eveneens betrekking hebben op regionale activiteiten en gebruiken. Overdrachtelijk wil ze ons daarmee uitnodigen om na te denken over de rituelen die plaatsvinden binnen de muren van het museum. Een enorme uitvergrote Poloraid-foto die zij heeft gemaakt tijdens haar bezoek aan de Genneper Watermolen in Eindhoven, bedekt de achterwand van Het Oog. Matyns uitzonderlijke benadering van de schaal van foto’s, waarbij close-ups van het water worden opgeblazen tot meer dan zeven meter, heroriënteert onze zintuiglijke waarneming.
Matyns ambitieuze serie beelden en associaties vormen een geheel dat het museum binnendringt en uitstroomt. Ze presenteert een samenstel van verwijzingen, betekenissen en materialen dat ons overspoelt met gelach, water en de schimmen van rituelen langs de rivieren.